In welke categorie vlieg jij?
Meerdere categorieën
De ene vlucht brengt meer risico met zich mee dan de andere. Daarom zijn er drie categorieën met verschillende regels afhankelijk van jouw situatie.
Bij de open categorie gaat het om vluchten met een laag risico. Je hebt geen toestemming van de ILT nodig, maar je moet je wel aan de regels houden.
Bij de specifieke categorie gaat het om vluchten met een gemiddeld risico. Meestal heb je een operationele autorisatie nodig. Soms kun je ook een verklaring indienen of vliegen volgens een standaardscenario.
Bij de gecertificeerde categorie gaat het om vluchten met een hoog risico. Denk aan het vervoeren van mensen of vliegen met gevaarlijke stoffen.
In welke categorie valt jouw drone?
De meeste vluchten vallen in de open categorie. Deze heeft drie subcategorieën met elk hun eigen regels. Welke voor jou geldt, hangt af van het gewicht en het Cx-label van je drone.
Bij A1 vlieg je onder meer met een C0- of C1-drone. Met C0 mag je onder voorwaarden boven niet-betrokken personen vliegen; met C1 moet je dit zoveel mogelijk voorkomen. Boven mensen en menigten vliegen is niet toegestaan.
Bij A2 vlieg je met een C2-drone. Je mag niet over mensen vliegen en moet voldoende afstand houden. Hiervoor heb je een A2-vaardigheidsbewijs nodig.
Bij A3 vlieg je met een C3- of C4-drone. Je blijft ver van mensen en houdt minimaal 150 meter afstand van woon-, winkel-, industrie- en recreatiegebieden. Voor deze categorie heb je een A1/A3-vliegbewijs nodig.
Check of je een Cx-label hebt
Nieuwe drones die onder de Europese klassen vallen, hebben een Cx-label. Dit label laat zien aan welke Europese eisen je drone voldoet en welke regels voor je vlucht gelden. Het Cx-label is afhankelijk van het gewicht van de drone: C0 tot 250 gram, C1 tot 900 gram, C2 tot 4 kilogram en C3 en C4 tot 25 kilogram. Heb je een oudere drone zonder Cx-label die vóór 1 januari 2024 op de markt is gebracht? Dan kun je die onder voorwaarden nog in A1 of A3 gebruiken.


